Al-Qoeds (Jeruzalem)

Op meerdere plaatsen in de Koran worden al-Qoeds en Masdjid ul-Aqsa omschreven als gezegende en heilige plaatsen. De betekenis van zegeningen in deze verzen houdt de vermeerdering van goedheden in. Vanwege de grootse deugd van deze plek heeft Allah deze plek voor de Profeet (vrede zij met hem) aangesteld als vertrekpunt voor zijn hemelvaartreis (al-Miʿraadj). Zo zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“Verheven is Degene (Allah) Die Zijn dienaar (Mohammed) ‘s nachts vanuit al-Masjid ul-Haraam (de gewijde moskee in Mekka) naar Masdjid ul-Aqsa (de Aqsa moskee in Jeruzalem) deed reizen, waarvan Wij alles daaromheen hebben gezegend.”

(Soerat al-Israa’: 1)

Toen de Meest Verhevene sprak over de eerste emigratie van Ibraahiem naar Bayt ul-Maqdis en ash-Shaam zei Hij (interpretatie van de betekenis):

“En wij redden hem en Loet (en leidden hen) naar het land dat wij hebben gezegend voor de werelden.”

(Soerat al-Anbiyaa’: 71)

Ook zegt Hij (interpretatie van de betekenis):

“En Wij lieten het volk dat onderdrukt werd de oostelijke en westelijke van het land erven, die door Ons gezegend waren.”

(Soerat al-Aʿraaf: 137)

En met betrekking tot het verhaal van de Profeet Soelaymaan zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“En voor Soelaymaan raasde de stormachtige wind op zijn bevel naar het land dat door Ons gezegend was.”

(Soerat al-Anbiyaa’: 81)

Bij monde van de Profeet Moesa zegt de Meest Genadevolle (interpretatie van de betekenis):

“O mijn volk, treed het heilige land binnen dat door Allah aan jullie is toegewezen.”

(Soerat al-Maa’idah: 21)

En ook over de overvloedige weelde die de inwoners van Saba’ (Sheba) hadden, zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“En wij plaatsten tussen hen en de steden die door Ons gezegend waren, steden die goed zichtbaar waren.”

(Soerat Saba’: 18)

Met de steden in dit vers wordt onder meer gedoeld op de steden rondom Bayt ul-Maqdis (Jeruzalem), zoals Ibn ʿAbbaas heeft gezegd.

Ook omschrijft de Koran deze plaats als een vruchtbaar en opgehoogde verblijfplaats, met stromend water (interpretatie van de betekenis):

“En wij maakten de zoon van Maryam en zijn moeder tot een teken. En Wij brachten hen naar een opgehoogde verblijfplaats met stromende water.”

(Soerat al-Moe’minoen: 50)

AdDahaak en Qataadah zeiden hierover: “Het is Bayt ul-Maqdis”

Verder zegt Allah ook (interpretatie van de betekenis):

“En wie is er onrechtvaardiger dan degene die verhindert dat er in de moskeeën van Allah zijn Naam verheerlijkt wordt en de vernietiging hiervan (d.w.z. van de moskeeën) nastreeft?”

(Soerat al-Baqarah: 114)

Vele exegesegeleerden hebben aangegeven dat dit vers verwijst naar de Aqsa moskee van Bayt ul-Maqdis. Tot de voortreffelijkheden van deze moskee behoort:

  1. Het is de eerste Qiblah van de moslims. Al-Baraa’ overlevert dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zestien of zeventien maanden lang richting Bayt ul-Maqdis heeft gebeden.

(al-Boekhaarie en Moeslim)

  1. Masdjid ul-Aqsa is de tweede moskee die op aarde is gebouwd. Aboe Dharr zegt: “Ik zei: “O Boodschapper van Allah, welke moskee is als eerst op aarde geplaatst?” Hij zei: “Masdjid ul-Haraam.” Vervolgens zei ik: “En daarna?” Hij zei: “Masdjid ul-Aqsa.” Hierop zei ik: “Hoeveel tijd bevond er zich tussen beiden?” Hij zei: “Veertig jaar. Waar jij je ook bevindt, zodra de tijd voor het gebed aanvangt, verricht dit dan. Hierin bevindt zich namelijk de deugd.”

(al-Boekhaarie en Moeslim)

  1. De Daddjaal is niet in staat om Bayt ul-Maqdis binnen te treden. De Profeet (vrede zij met hem) heeft namelijk gezegd: “Hij zal overal op aarde verschijnen, behalve in al-Haram en Bayt ul-Maqdis.”

(Ahmad)

  1. Op deze plek heeft de Profeet (vrede zij met hem) als imam gefungeerd voor de overige Profeten. Zo zei hij: “De tijd voor het gebed brak aan, waarna ik voorging (in het gebed).”

(Moeslim)

  1. Een gebed hier is gelijk aan 250 gebeden elders. Sommige overleveringen spreken zelfs over 500 en 1.000 keer meer! De Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Een gebed in mijn moskee is beter dan vier gebeden daar (d.w.z. in Bayt ul-Maqdis) en wat een pracht van een plek is het om er te bidden.”

(al-Haakim en atTabaraanie)

  1. Maymoenah, de bediende van de Profeet en dus niet zijn vrouw, zei: “O Profeet van Allah, vertel ons over Bayt ul-Maqdis”, waarop hij zei: “Het is de plek waar de mensen opgewekt en verzameld zullen worden. Ga ernaar toe en verricht daar het gebed.”

(Ahmad en Aboe Daawoed)

  1. Het is één van de drie moskeeën waar men een reis (met intentie van speciale beloning) naartoe mag afleggen. Aboe Saʿied al-Khoedrie overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Reis niet om een plaats te bezoeken, behalve (in het geval van) drie moskeeën: Masdjid ul-Haraam (in Mekka), deze moskee van mij (in Medina) en Masdjid ul-Aqsa.”

(al-Boekhaarie en Moeslim)

Het feit dat het toegestaan is om de reis af te leggen naar deze moskee als bezoek duidt erop dat de Profeet deze moskee een speciale positie toekent. Haar positie en de zegeningen die zich hier bevinden worden daarom in hetzelfde rijtje genoemd met die van al-Haramayn.

  1. Van degene die Masdjid ul-Aqsa bezoekt met de intentie om daar het gebed te verrichten, wordt gehoopt dat zijn zonden vergeven worden. ʿAbdoellaah ibn ʿAmr overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Nadat Soelaymaan ibn Daawoed klaar was met het bouwen van Bayt ul-Maqdis vroeg hij Allah om drie zaken: Een oordeel dat overeenkomt met Zijn Oordeel, een heerschappij dat niemand anders na hem zal toekomen, en dat niemand deze moskee bezoekt die slechts de intentie heeft om hier het gebed te verrichten en Allah zijn zonden zal laten zijn zoals de dag dat zijn moeder hem ter wereld bracht (d.w.z. zondeloos).” Hierop zei de Profeet (vrede zij met hem): “Twee hiervan zijn hem gegeven en ik hoop dat dit ook geldt voor de derde.”

(Ahmad, an-Nasaa’ie, Ibn Maadjah)

De Koran en de Soennah wijzen uit dat de kwestie van al-Qoeds er één is die alle moslims aangaat. Het betreft hier dus geen regionale kwestie, maar het is er een van al-ʿAqiedah en Iemaan. Om deze reden is de moslim verplicht om deze kwestie te steunen door deze steeds aan de kaak te stellen, gelddonaties te geven aan erkende organisaties die zich sterk maken voor de rechten van Palestijnen en het vragen aan Allah om de last van onze broeders en zusters te verlichten en hen te beschermen.

Men dient te beseffen dat het verrichten van smeekbedes het sterkste wapen is, mits deze ontspruit uit een hart dat gekenmerkt wordt door oprechtheid en een zuivere toewijding aan Allah. Hetgeen wat de moslim vandaag de dag hartzeer bezorgt, is de verdeeldheid die momenteel heerst onder de moslims. Dit terwijl Allah ons heeft opgedragen om een eenheid te vormen, zeggende (interpretatie van de betekenis):

“En houd jullie allen stevig vast aan het Koord van Allah en wees niet verdeeld.”

(Soerat Aali ʿImraan: 103)

Ook zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“En gehoorzaam Allah en Zijn Boodschapper en redetwist niet (met elkaar), zodat jullie niet verzwakken en jullie kracht niet zal worden weggenomen.”

(Soerat al-Anfaal: 46)

Om deze reden dient de moslim verreweg te blijven van al datgene wat leidt tot onderlinge verdeeldheid, zoals onrecht, roddel, laster en schending van andermans rechten. Dit alles leidt namelijk tot wrokgevoelens in het hart.

Wat wij als moslims in het westen kunnen betekenen in deze zaak is dat wij het geluid van de Palestijnen die onrecht worden aangedaan laten horen. Wij dienen alle betrokken partijen en verantwoordelijken op het hart te drukken om op te staan en deze kwestie serieus te nemen, zodat de rechtmatige inwoners in dat gebied hun grond behouden.

Je kunt je steun uiten voor de Palestijnse belangen, alsook voor de algemene islamitische belangen, zolang je hierbij niet de wet overtreedt. Wij keuren dan ook iedere wetteloze actie af, zoals verbaal en fysiek geweld, het creëren van chaos en wanorde, en verwoestingen van andermans bezit en dergelijke.

Team al-Yaqeen
(Samengevatte vertaling van de vrijdagpreek van Sheikh Ilyas El Yousfi
15 december 2017, moskee as-Soennah)